Essen en buurschappen

1000 tot 1450
essen en buurschappen 1

de Slag bij Ane

Vanaf de 9e eeuw  krijgt de adel meer en meer macht en wordt steeds zelfstandiger in zijn bestuur.

De bisschop van Utrecht is bijna vijf eeuwen lang de landsheer van Oosterdalfsen, van 1068 tot 1528. De bisschop bezit zelf veel grond, boerderijen en daarbij behorende horigen in het gebied. Boeren verzekeren zich van bescherming door hun boerderijen over te dragen aan de bisschop. De horigen krijgen bescherming van hun heer en als tegenprestatie staan ze delen van de oogst af en moeten zij meewerken op de centrale akkers van het hof. De samenleving die is gebaseerd op horigheid, hoven en betalingen in natura, noemen we nu een ‘hofstelsel’. Elke buurschap heeft een hofstede die het administratieve en bestuurlijke centrum voor een aantal onderhorige hoeven vormt.

De bisschop geeft enkele landheren toestemming om hun hofsteden om te bouwen tot kastelen.  Rond Oosterdalfsen zijn dat Rechteren, Gerne en Ruitenborg. De landheren moeten de bisschop te hulp schieten bij een gewapend conflict. Dit gebeurt uiteindelijk ook in 1227 in de Slag bij Ane, waarbij drie Dalfser hoofdmannen om het leven komen. Kasteel Rechteren is het enige van de middeleeuwse kastelen in Overijssel dat grote delen van zijn oorspronkelijke bebouwing heeft behouden, ondanks belegering, ontmanteling, ingrijpende verbouwingen en uitbreidingen.

essen en buurschappen 2

Kasteel Rechteren

In deze periode is het esdorplandschap gevormd dat tot ver in de 19e eeuw heeft bestaan. In een strook vlak langs de Vecht bevinden zich drassige gronden, die mogelijk in gebruik worden genomen als weiland en hooiland. Ten noorden van deze strook bevinden zich de reliëfrijke dekzandruggen, hier liggen de kleine huiskampen en de meer omvangrijke essen, waar vaak meerdere boeren een perceel gebruiken. Aan de randen van het bouwland liggen de dorpen en de buurschappen, zoals Oosterdalfsen. Ten noorden van deze strook bevinden zich de zogenoemde woeste gronden, waar uitgestrekte heidevelden liggen en het vee geweid wordt. Tijdens deze eeuwen van ploegen, aangraven, vee inscharen, bosjes en wallen aanleggen en dijken opwerpen krijgt het landschap zijn vorm. Het gebruik van mest  is hierin cruciaal. Heideplaggen worden in de stal gelegd waardoor het zich vermengt met mest. Hierdoor ontstaat een uitstekend mengsel om de akkers te bemesten en wordt in de loop der eeuwen een vruchtbare bovenlaag gevormd.