IJzertijd en romeinen

800 v. Chr. tot 450 n. Chr.

ijzertijd 2In de periode die de IJzertijd genoemd wordt, wonen er in Oosterdalfsen mensen in boerderijen op de zandruggen aan weerszijden van de Vecht.

Er kunnen in deze periode meer mensen gevoed worden en er wordt meer vee gestald. Er is nog geen sprake van echte dorpen. Archeologen vinden in Oosterdalfsen sporen van een nederzetting die bestaat uit een boerderij met enkele bijgebouwen en waterputten. De grote boerderijen bestaan geheel uit hout, vlechtwerk en leem.

ijzertijd 1

Beeld van Mercurius

Wonen de mensen in de Bronstijd (ca. 3000 tot 800 v. Chr.) nog droog en veilig op het hoogste deel van het landschap. In de IJzertijd gaat men iets lager op de flank van de hoge rug wonen, met de akkers op het hoogste deel. Het rundvee wordt geweid in de grasrijke, lagere en nattere delen en schapen op de heidevelden en schrale graslanden. Alle overledenen van de gemeenschap krijgen een laatste rustplaats in de buurt van de boerderijen en een heuveltje markeert het graf.

Omstreeks 58 v. Chr. trekken de  Romeinse legers op tot aan de oevers van de Rijn. De Romeinen willen de grens van hun rijk nog verder naar het noordoosten opschuiven, tot aan de Elbe. In die tijd wonen hier de Franken, een Germaans volk. De tegenstand van de Germaanse stammen is echter te zwaar. Hierdoor blijft de Rijn als grens van het Romeinse rijk gehandhaafd.

Oosterdalfsen heeft dus nooit tot het Romeinse Rijk behoord, maar er is wel degelijk contact tussen de inheemse bevolking (Franken) en de Romeinse soldaten. Zo vindt men in Dalfsen Romeinse munten en in de buurschap Welsum een beeld van Mercurius (de god van de handel). De bevolking maakt kennis met exotische producten als olijfolie en wijn en komt in aanraking met nieuwe denkbeelden en zelfs nieuwe goden.